Geschiedenis toren en beiaard
De Nieuwe Toren werd in het tweede kwart van de 17e eeuw ontworpen door de Edammer molenmaker Dirk Jan. De bouw leek in 1656 voltooid. Philip Vingboons ontwierp daarna op de stenen romp de fraaie lantaarn: het achtkantige klokhuis.
De bekende klokkengieter François Hemony goot tussen 1659 en 1662 dertig klokken voor de Nieuwe Toren. Om geld uit te sparen, boden de Kamper schepenen hem aan zeven bestaande grote klokken in te passen in de nieuwe beiaard. Dit waren vier in onbruik geraakte klokken (ca. 1482) die door Geert van Wou voor de Boventoren waren gegoten en nog een klok (1627) van Kiliaen Wegewaert. Na onderzoek van deze zeven luidklokken achtte Hemony er vijf geschikt en nam die op in het carillon. Niettemin ontbraken er een tweetal lage klokken in het geheel. Dit gemis werd in de loop van de eeuwen als een manco ervaren.
In 1940 werd de beiaard door Petit & Fritsen met zeven kleine klokjes uitgebreid tot ruim drie en een half octaaf. Deze klokken werden bij de torenrestauratie van 1978 echter weer verwijderd. Gelukkig keerden ze in 1993, bij de laatste restauratie, weer terug. Tevens werden toen de nog ontbrekende lage klokken aan het carillon toegevoegd, alsmede enkele tonen aan de discant. Ook werd een geheel nieuw klavier geplaatst. De werkzaamheden werden verricht door de Koninklijke Eijsbouts uit Asten
Het nu eindelijk complete instrument is de zwaarste beiaard in Nederland uit de 17e eeuw en bezit een prachtige sonore klank. De Hemony's presenteren zich zeer vocaal naast de patriarchale klank van de Van Wouklokken. Ook de jongste telgen, de aanvullingen uit de vorige eeuw, mogen er zijn; zij mengen zich uitstekend met de andere leden van de familie tot een kleur- en klankrijk geheel.

begin     historie beiaard   zomeravondconcerten    marktbespelingen    vaste beiaardier   speeltrommel    foto's    links    samenstelling